In dit project werken leerlingen uit twee of meer Europese landen samen als jonge uitvinders. Ze bedenken een creatieve oplossing voor een dagelijks probleem, maken een prototype met eenvoudige materialen en delen hun werk met hun internationale partners. Het doel is om elkaars ideeën te versterken en samen te leren hoe innovatie de wereld beter kan maken.

Aan de slag!

Ga je aan de slag met dit eTwinning-project? Gebruik onze checklist zodat je geen stappen overslaat. Zo ben je er ook zeker van dat je alle nodige informatie hebt om op het einde van het schooljaar een Nationaal Kwaliteitslabel aan te vragen voor je eTwinning-project.

.

Je vindt dit project en andere projectideeën, samen met nuttige IT-tools om in elk fase van je eTwinning-project te gebruiken, op onze IT-tools-website.

Overzicht van het project

Dit project combineert creativiteit, samenwerking en techniek. Door met Europese partners te werken, leren leerlingen hoe ideeën over grenzen heen kunnen groeien. Een perfecte manier om Kids Inventors Day te vieren!

Voorbeeld van een tijdsschema

Stappenplan

Stap 1: Kennismaking en inspiratie

  • Activiteit:
    • Elke klas maakt een korte video over zichzelf en hun school, en deelt dit via TwinSpace.
    • Leerlingen ontdekken beroemde jonge uitvinders, zoals Ann Makosinski (die een zaklamp maakte die werkt op lichaamswarmte).
    • Bespreek samen: welke problemen willen we oplossen?
  • Samenwerking: Klassen kijken naar elkaars introductievideo’s en sturen korte berichtjes terug.
  • Resultaat: Een interactieve kennismakingspagina op de TwinSpace. Je kan hiervoor ook het Twinboard gebruiken op de pagina’s van de TwinSpace. Bekijk in onze handleiding hoe je dit kan doen. Vragen? Mail naar eTwinning@epos-vlaanderen.be.

Stap 2: Probleem kiezen en ideeën bedenken

  • Activiteit:
    • Elke klas kiest een probleem uit het dagelijks leven: bijv. “Hoe kunnen we speelgoed opruimen leuker maken?” of “Hoe kunnen we regenwater beter gebruiken?”. Je kan de problemen kaderen in een lessenreeks waarmee je net bezig bent, je kan hen vragen naar manieren omp beter te studeren, om de smartphone achterwege te laten, om een bepaalde sport voor iedereen inclusief te maken…
    • Brainstorm samen oplossingen en maak eenvoudige schetsen van uitvindingen.
  • Samenwerking: Klassen delen hun probleem en eerste ideeën via Padlet of TwinSpace. Partners geven feedback en stellen vragen.
  • Resultaat: Schetsen en ideeën gedeeld tussen de klassen.

Stap 3: Bouw je uitvinding

  • Activiteit:
    • Leerlingen maken een prototype van hun uitvinding met eenvoudige materialen (bijv. karton, flessen, elastiekjes). Is dit te moeilijk? Een uitgewerkte beschrijving met tekening kan natuurlijk ook!
    • Maak foto’s of video’s van het bouwproces.
  • Samenwerking: Partners delen hun prototypes met elkaar en beschrijven hoe ze werken. Partners kunnen tips geven om het prototype te verbeteren.
  • Resultaat: Prototypes gedeeld in een digitaal album (bijv. Google Slides).

Stap 4: Samenwerken aan een gezamenlijke uitvinding

  • Activiteit:
    • Elke klas combineert ideeën van beide landen en bedenkt een gezamenlijke uitvinding.
    • Ze maken samen een digitaal ontwerp (bijv. een tekening of collage in Canva) of een verhaal over hoe de uitvinding werkt.
  • Samenwerking: Tijdens een online meeting presenteren klassen hun gezamenlijke uitvinding.
  • Resultaat: Een gezamenlijke uitvinding, gepresenteerd via een creatieve poster of video.

Stap 5: Presentatie en afsluiting van het project

  • Activiteit:
    • Klassen organiseren een tentoonstelling op school met hun uitvindingen.
    • Ze maken een gezamenlijke video met hoogtepunten uit het project en sturen deze naar hun partners.
  • Samenwerking: Een laatste online ontmoeting om samen terug te kijken en ideeën te delen.
  • Resultaat: Een digitale tentoonstelling met alle uitvindingen van de partnerscholen.

Voorbeelden van uitvindingen

  • Een “speelgoedmagnetron” die speelgoed schoonmaakt en opruimt.
  • Een regenton met ingebouwde sproeiers voor een speeltuin.
  • Een rugzak met een paraplu en LED-lampjes voor donkere dagen.

Evaluatie, reflectie en disseminatie

We sluiten het project af door de resultaten te presenteren aan partnerscholen, de geleerde lessen te evalueren en te bespreken hoe de opgedane kennis en ervaringen kunnen worden toegepast in de toekomst. Daarnaast is disseminatie, het delen van projectresultaten met een breder publiek, ook belangrijk.

  1. Voorbereiding op de presentatie:
    • Leerlingen moeten de resultaten van het project voorbereiden, waaronder de enquêteresultaten, ervaringen, foto’s en eventuele andere materialen die tijdens het project zijn verzameld.
  2. Online presentatie aan partnerscholen:
    • Organiseer een online vergadering waarin leerlingen van verschillende partnerscholen hun resultaten kunnen presenteren. Leerlingen kunnen deze online vergadering eventueel zelf organiseren.
    • Leerlingen moeten duidelijk en boeiend presenteren, waarbij ze de hoogtepunten van het project benadrukken en de inspanningen van hun team in de schijnwerpers zetten.
  3. Discussie en feedback:
    • Na elke presentatie kunnen leerlingen van verschillende scholen in discussie gaan en feedback geven. Dit is een kans om te leren van elkaars ervaringen en ideeën uit te wisselen.
  4. Evaluatie van het project:
    • Leerlingen moeten het project grondig evalueren. Dit kan gebeuren door middel van zelfevaluatie, groepsdiscussies en feedback van leraren en partnerscholen.
    • Bespreek wat goed ging en wat beter kan. Identificeer de sterke punten en uitdagingen van het project. Analyseren van de evaluatie is belangrijk, anders leren we niets bij. Zo weten we hoe het in de toekomst anders kan en wat we kunnen behouden.
  5. Toekomstige toepassing en actieplan:
    • Leerlingen moeten nadenken over hoe ze de opgedane kennis en ervaringen in de toekomst kunnen toepassen. Ze kunnen een actieplan opstellen voor verdere betrokkenheid bij duurzaamheidsinitiatieven op school en in hun gemeenschap.
  6. Disseminatie van resultaten:
    • Leerlingen kunnen bedenken hoe ze de resultaten van het project kunnen delen met een breder publiek. Dit kan onder meer door het maken van een projectverslag, het schrijven van artikelen voor lokale kranten of het presenteren van bevindingen tijdens schoolevenementen.
    • Documenteer het proces om het project achteraf makkelijk te kunnen delen: neem foto’s en video’s van het maakproces en het eindproduct. Foto’s en filmpjes maken van het proces maakt het veel makkelijker om achteraf een filmpje te maken van het hele project. Je kan de filmpjes aan elkaar plakken met tussendoor een leerkracht en/of leerling die commentaar geeft (al dan niet met een voice-over) over wat je allemaal ziet gebeuren.

Geef de leerlingen een eTwinning-certificaat of diploma als beloning voor hun deelname aan het project. Je kan het template gebruiken om aan je kleuters een diploma of aan je leerlingen een certificaat te geven. In Canva kan je dit makkelijk zelf bewerken.

Leerlingen hebben hun eindproducten met hun partnerscholen gedeeld. Je kan deze ook delen binnen en buiten de schoolmuren, met collega’s, ouders, andere eTwinning-partners. Ook wij van eTwinning Vlaanderen willen graag jouw good practices delen. Je kan je projectresultaten en ervaringen altijd mailen naar eTwinning@epos-vlaanderen.be. Op onze website met IT-tools voor je eTwinning-project vind je heel wat ideeën voor eindproducten die bij je project passen.